Kijk ook eens op

Volg ons



interviewt
José Been: 'Eerste vrouwelijke commentator'

José Been: 'Eerste vrouwelijke commentator'

Zaterdag 04 mei 2013

Interviews - CyclingOnline.nl interviewt iedere week een prominent uit de wielerwereld. Dit keer José Been, de eerste vaste vrouwelijke wielercommentator van Europa. ‘Mensen blijken mij verfrissend te vinden.’

Commentator
“Twee jaar geleden ben ik begonnen bij Eurosport. Ik deed vooral nieuwsitems, net als mijn Belgische collega Jeroen Vanbelleghem. Hij werd op een bepaald moment gevraagd om wielercommentaar te gaan verzorgen. De koers verslaan, dat wilde ik ook. Maar men twijfelde bij Eurosport. Wielrennen en vrouwen, zou dat wel geaccepteerd worden door het publiek? Dat is een argument waar je bijna niet tegen kunt vechten. Je kunt beter worden in je werk, in je kennis van de wielersport, maar ik zou nooit in een man kunnen veranderen. Dus ik had me er eigenlijk een beetje bij neergelegd. Tot ik vlak voor de afgelopen Ronde van Spanje werd opgebeld door Danny Nelissen. ‘Heb je dit weekend wat te doen?’, vroeg hij. Ineens mocht ik commentaar geven bij de eerste twee etappes. Danny geloofde in me. Zo iemand heb je nodig, anders kom je er nooit.”

Reacties
“Ik kreeg ontzettend veel reacties. Nog steeds eigenlijk. Ik kreeg vaak te horen dat mensen het verfrissend vonden, een vrouw als wielercommentator. Ik heb ook veel complimenten gekregen van mensen uit het vak. Van Michael Boogerd, Leontien van Moorsel, Gio Lippens: dat zijn allemaal mensen waar ik zelf enorm tegen op heb gekeken. Dat is wel heel gaaf. Ik krijg ook wel negatieve reacties. Dat is heel raar. Dan lees je op een of ander forum de meest vreselijke dingen over jezelf. ‘Wat een trut’ of ergere dingen. Ik heb moeten leren daar niet meer naar te kijken. Een collega van me vertelde me dat ik het zo moet zien: negentig procent van de kijkers vindt het best dat je commentaar geeft, vijf procent vindt het fantastisch en vijf procent vindt het verschrikkelijk. Zo is het denk ik ook, en dat is prima”

Vrouw in mannenwereld
“Ik ben – dat weet ik vrijwel zeker – de enige vrouwelijke wielercommentator in Europa die op vaste basis mannenkoersen verslaat. Wereldwijd zullen het er ook niet veel zijn, ik weet alleen dat er nog een Colombiaanse is. Dat is wel speciaal natuurlijk. Ik probeer tijdens de mannenkoersen toch ook wel het vrouwenwielrennen onder de aandacht te brengen. En dan heb ik het ook nog wel over meer rensters dan alleen Marianne Vos. Iemand als Elisa Longo Borghini, dat is zó’n talent. Daar vertel ik dan graag even over. Ik hoop dat ik iets kan bijdragen aan het op de kaart zetten van het vrouwenwielrennen.”

Koersinzicht
“Ik doe altijd verslag op basis van wat ik weet. Ik sta ook redelijk dicht bij de renners, heb veel contact met ze. En ik verdiep me ook in de minder bekende renners. Over iemand als Jos van Emden weet ik bij wijze van spreken net zo veel als iemand als Robert Gesink. Verder probeer ik me steeds meer te verdiepen. Ik heb nooit wedstrijden gereden, dus ik heb een achterstand wat betreft koersinzicht. Maar ik leer heel veel en snel. Hetzelfde wat betreft de techniek van een fiets. Ik ga geen uitgebreide technische verhandeling geven voor de tv, maar ik heb wel basiskennis van de fiets. En ik praat tegenwoordig veel met mecaniciens. Dan leggen ze weer iets uit over een bracket of Di2 en dat zuig ik dan allemaal op.”

Twitteren
“Mijn twitteraccount @tourdejose heeft nu 12.000 volgers. Via twitter ben ik ook in contact gekomen met Danny Nelissen en Eurosport, dus daar heb ik wel heel wat aan te danken. Maar er zat geen bepaalde strategie achter. Ik vond en vind het gewoon ontzettend leuk om informatie te delen met de wereld. Het is fijn dat dat gewaardeerd wordt. Zestig renners uit de WorldTour volgen mij op twitter, waaronder bijna de complete Blanco-ploeg en jongens als Taylor Phinney. Ik heb nu ook een ander account waarop ik wat meer privézaken deel, dingen die niets met fietsen te maken hebben. Ik merk wel dat ik steeds voorzichter moet zijn met wat ik tweet. Nu ik commentator ben, wordt alles wat ik zeg voor waar aangenomen. In de Ronde van Turkije won Mustafa Sayar, zijn ploeggenoot werd vorig jaar in dezelfde ronde betrapt op doping. Ik twitterde na zijn zege dat ik hoopte voor de organisatie dat de geschiedenis zich niet zou gaan herhalen. Daar heb ik wel opmerkingen op gekregen, ook van collega’s bij Eurosport. Ik moet professioneler met zulke situaties omgaan.”

Ziek
“In december 2008 werd er borstkanker bij me geconstateerd. Dan kom je in een heel traject terecht: operatie, chemo’s, alles wat je je bij zo’n ziekte kunt voorstellen. Drie maanden geleden heb ik mijn laatste behandeling gehad. Het gaat goed nu. In december is het vijf jaar geleden. Dan word ik nog een keer helemaal onderzocht. Als de foto’s dan goed zijn, word ik officieel genezen verklaard. Mijn ziekte heeft me overigens wel gebracht waar ik nu ben. Ik werkte jarenlang als secretaresse en marketeer. Maar toen ik ziek werd, besloot ik alles anders te gaan doen en me op de sport te gaan richten. Ik begon met vertalingen, maar uiteindelijk kwamen er websites van renners bij, twitter natuurlijk en uiteindelijk Eurosport.”

Lance
“Lance was een echte held van me, een inspiratiebron Ik heb hem ook één keer ontmoet, in de Ronde van Luxemburg. Ik deed de live-ticker van @procyclinglive en die volgde hij. Ik vroeg of het mogelijk was om hem een keer te ontmoeten en dat kon. Hij is degene die me geleerd heeft dat je iets gewoon moet doen als je het echt wilt. Ik zie ook tegen hem: ‘Wat jij kan, kan ik ook.’ Het hele USADA-verhaal heeft alles veranderd natuurlijk. Hij is de grootste vis, hij had de grootste bek, dus het is niet vreemd dat hij nu overal wordt uitgekotst. Maar hij is niet het grote kwaad van de sport, dat was vooral het systeem. Wat me vooral heeft teleurgesteld aan Armstrong is dat hij zijn lichaam aan al die rotzooi heeft blootgesteld. Hij heeft na zijn kanker een tweede kans gekregen, die een heleboel mensen met die ziekte niet hebben gekregen. En dat je dat dan op het spel zet door al die rotzooi te gebruiken: dat begrijp ik niet.”

Zelf fietsen
“Het wielrennen is er bij ons thuis met de paplepel ingegoten. Mijn vader was ploegleider in Drenthe en Overijssel. En ik kom uit Dalen, net als Karsten Kroon. Zijn vader was leraar, daar zat ik bij in de klas. Ik volgde Karsten heel fanatiek, ging ook altijd naar NK’s. Ik fietste nooit zelf, maar daar is verandering ingekomen. Ik heb een fiets aangeschaft en ik vind het echt het leukste dat er is. In het begin was ik heel angstig, durfde ik maar met 20 kilometer per uur door de bocht, maar het went snel. Je gaat steeds iets verder, ook qua afstand. Ik heb niet de ambitie om wedstrijden te rijden, daar heb ik het talent en de tijd niet voor. Maar toertochten rijden lijkt me leuk. Dat je toch een beetje in een peloton rijdt. En misschien doe ik ooit nog wel eens mee aan het NK journalisten.”

 


Eerder...

Interviews Nieuwsberichten

Powered by Manieu.nl